zondag 24 augustus 2008

De Balkan

Hoewel er geen consensus bestaat over de geografische grenzen van het gebied dat Balkan heet, weet ik toch vrij zeker dat er weer eens was afgelopen zomer. Ik hou van de Balkan. Ik hou van de chaos, het gebrek aan regels, de zelfgestookte drank, de gastvrijheid en het weer. Het Meer van Ohrid zag er weer fantastisch uit dit jaar en zorgde voor de nodige verkoeling. Dat moet Lenny Kravitz ook gedacht hebben, want die kwam langs om een 2,5 uur durend optreden te verzorgen in het lokale stadion. Lenny blijkt nog erg goed te kunnen zingen, in tegenstelling tot de dames van de support act, die klonken als een beginnend middelbare school bandje. Hoewel, smaken verschillen, want de 10.000 Macedoniërs gingen wel uit hun dak.
Via Albanië werd de kust van Montenegro bereikt, dat meer weg had van Servië, omdat alle Serviërs daar aan het strand willen liggen. Ook weer terecht, want de zee zag er fantastisch uit.
De volgende stop was Sarajevo, waar volgens mij meer kogelgaten in de huizen zitten dan er mensen in wonen. Het is moeilijk voor te stellen dat het nog maar 13 jaar geleden is dat er oorlog was. En dat Gavrilo Princip daar nog veel langer geleden de aanleiding voor de Eerste Wereldoorlog was. Maar behoudens de oude Turkse wijk en enkele café's is er 's zomers weinig te beleven. Terug naar de kust dus maar weer.
Split in Kroatië is gebouwd op een Romeinse stad. Elke eeuw wel weer wat nieuws, waardoor het geheel erg eclectisch aandoet. Het is er prachtig, met een mooie promenade, oude vrouwtjes die je kamers aanbieden, een stinkende haven, palmbomen en massa's Australiërs.

Je kunt in de Balkan net zo makkelijk vijanden als vrienden maken: begin over ethniciteit en je voelt de haat, begin over voetbal of drank en je voelt de passie. Ik heb zowel vijanden als vrienden gemaakt.

Ik hou van de Balkan. Maar niet voor langer dan 3 weken. Dan verlang ik weer naar fatsoenlijk vegetarisch eten, naar een douche die altijd warm is, naar een straatbeeld zonder bedelaars, naar mensen die wel de handen uit de mouwen willen steken, naar een stad waar de auto's niet over de stoep of door het park rijden waar je net loopt, maar toch bovenal toch weer naar mijn eigen bed.

Geen opmerkingen: